Onze biodynamische tuinen

Een rijk gevulde apothekerskast

Onze medicinale plantentuinen, samen goed voor 55 hectaren, zijn al sinds ons ontstaan ruim 90 jaar geleden onlosmakelijk verbonden met onze identiteit. Niet alleen worden er op biodynamische wijze planten geteeld voor de productie van geneesmiddelen en verzorgingsproducten, ze zijn ook een uitstekende plek om onze partners wegwijs te maken in de wondere wereld van planten en al het leven eromheen. Nergens anders komt onze missie ‘In harmonie met mens en natuur’ zo tot haar recht.

De grootste tuin, met zijn 23 hectaren meteen ook de grootste biodynamische kruidentuin in Europa, ligt in Schwäbisch Gmünd (Duitsland). Er worden 260 verschillende plantensoorten gekweekt, waarvan 180 gebruikt worden voor productie van geneesmiddelen en verzorgingsproducten. De planten worden na de oogst meteen verwerkt tot tincturen in een nabij gelegen gebouwen. Op dit domein werd ook een bezoekerscentrum voorzien.

Daarnaast zijn ook de vestigingen in Frankrijk (Huningue), Zwitserland (Bazel), Engeland, Nieuw-Zeeland en Zuid-Afrika voorzien van een eigen kruidentuin. En ook bij Weleda Benelux zijn we bijzonder trots om een van de zeven tuinen te mogen beheren.

De Weleda-tuin in Zoetermeer

Onze tuin in Zoetermeer is 1 hectare groot en ligt rondom het gebouw. Hij wordt dagelijks verzorgd door een toegewijde tuinploeg onder leiding van tuinman Jan Graafland.

In de Assortimentstuin groeien bijna alle planten die we in onze lichaamsverzorgingsproducten verwerken. Hiertussen staan in kleine bedjes ook diverse andere planten die we oogsten. De Wilde Weide is bedoeld als standplaats voor moerasachtige inheemse wilde planten, zoals valeriaan, grote engelwortel en smeerwortel. Een kleine verwarmde kas gebruiken we voor de opkweek van het plantmateriaal en de verzorging van enkele tropische geneeskrachtige planten.

Een grotere koude kas dient voor de verdere verzorging en afharden van het plantmateriaal en enkele niet winterharde planten. In de Productietuin telen we plantensoorten die bestemd zijn voor de productie van (zelfzorg)geneesmiddelen. Voorbeelden zijn Calendula, sint-janskruid en Primula. De tuin is omgeven door een haag van verschillende struiken, die bescherming biedt tegen wind en andere omgevingsinvloeden.

In de compostplaatsen verwerken we we tuin- en productierestmateriaal tot vruchtbare compost. De compost geven we vervolgens aan de bodem terug. Zo ontstaat een gesloten kringloop, waardoor levenskrachten worden behouden.

Biodynamische landbouw: een stapje verder

In onze tuinen worden de planten biodynamisch geteeld, een teeltmethode die in 1924 werd ontwikkeld door onze grondlegger, Rudolf Steiner. Bij biodynamische teelt staat de bodemvruchtbaarheid en versterking van de natuurlijke groei centraal en streeft men naar diversiteit in de geteelde gewassen. Vanuit het uitgangspunt dat de aarde verbonden is met de kosmos, wordt door het volgen van een zaaikalender rekening gehouden met de stand van de planeten. Daarnaast is ook het kringloopdenken essentieel: door het compostbeheer en door het gebruik van speciale plantaardige preparaten, worden de organische resten volledig hergebruikt waardoor de levenskracht van de bodem toeneemt. Dit gaat dus nog een stap verder dan biologische teelt, waar geen chemicaliën, pesticiden of andere kwalijke stoffen aan te pas komen.

Akkers en planten die op een biodynamische manier bewerkt worden, geven daarom blijk van een grote biodiversiteit en vitaliteit en zijn nauwelijks gevoelig voor ziekten en schadelijke insecten. Omdat het natuurlijke opslagvermogen van de bodem in evenwicht is, is die ook veel beter bestand tegen droge of erg natte periodes.

Net zoals planten als levende wezens moeten worden beschouwd – en niet als som van hun bestanddelen – behandelt de biodynamische teler de bodem als een levend organisme. Geneeskrachtige kruiden moeten immers niet alleen inhoudsstoffen leveren, maar ook hun helende kracht doorgeven.